Het kwantumspel is een strategisch bordspel zonder bord. Een speelset bestaat uit twee keer zes vierkanten speelstukken. De stukken beïnvloeden elkaar op vier manieren, ze plakken, trekken aan en stoten af, ze hebben een spin en die kan wisselen. Er zijn vijf verschillende zetten mogelijk, verplaatsing, positiewissel, een kwartslag draaien, een spinwissel en een spiegelspinwissel. Dit alles bij elkaar vormt een complex radarwerk met slechts twaalf speelstukken waarin je probeert je tegenspeler af te troeven. Het spel begint met het wegleggen van je speelstukken en dat is al heel spannend. Daarna begint het om beurten zetten en de effecten; het spel gaat bewegen. Een spelletje duurt zo’n 10 tot 20 minuten. Omdat het veel meer positiemogelijkheden kent dan schaken is de strategie zeer gevarieerd en complex. Dit spel verdiend een podium.

In deze fase zoeken we spelers die het willen testen en zo automatisch lid worden van de kwantumclub. Mensen die het kwantumspel kunnen spelen zijn cruciaal voor een spel. We hebben vijf jaar aan dit spel gewerkt. We zijn dus erg benieuwd wat jullie ervan vinden :) Alle feedback is welkom!

Hou je van moeilijke spelletjes, of ben je gewoon benieuwd. Voor 10 euro zenden wij je een eerste speelset. Stuur een mail naar info@creatiefbeheer.nl 

Rini Biemans en Karin Keijzer

Kwantumclub

Zondag 27 maart 2022 Eerste officiële kwantumclubmiddag

(13:00 - 16:00) bij Tante Nino Van der Takstraat 102b op het Noordereiland te Rotterdam.

speelstukken met krant.jpeg

speelstukken

De speelstukken zijn 12 kartonnen vierkanten dubbelzijdig bedrukt. Het zijn twee gespiegelde setjes. Om de identiteit van de set aan te geven hebben de stukken een gekleurde middenstip. Aan een kant heeft een speelstuk een witte en aan de andere kant een zwarte cirkel. Deze geeft de spin aan, de draairichting. Deze kan rechtsom (wit) zijn of linksom (zwart) zijn. Door de speelstukken om te keren langs de polarisatie-as wisselen ze alleen van spin.

Van ieder speelstuk zijn twee tegenoverliggende zijden gepolariseerd. De polariteit wordt aangeven met een witte (positieve) strip en op daartegenover liggende zijde een zwarte (negatieve) strip.

De zes kleuren van de regenboog zijn verdeeld over de zes speelstukken in 4 driehoeken per speelstuk. Hoe deze verdeeld zijn en aan de polariteit gekoppeld zijn kan variëren en bepaalt de speelwijze van een speelset. 

Interactie speelstukken

Plakken en massapunten (sterke kernkracht)

Als twee dezelfde kleurzijden elkaar raken tijdens het spel zitten ze vast en kunnen niet meer los. Als dit gebeurt met twee neutrale kleuren levert dit geen punten op. Als een gepolariseerde kleur plakt met een neutrale kleur van dezelfde spin levert dit massapunten gelijk de waarde van de kleur (1t/m6). Massapunten ontstaan alleen als de spin van de plakkende stukken hetzelfde is, bij ongelijke spin geen massapunten. Twee dezelfde gepolariseerde kleuren plakken niet, maar stoten af of trekken aan.

 

Aantrekken/afstoten - energiepunten (elektromagnetisme)

Als gepolariseerde zijden zwart-zwart en wit-wit tegenover elkaar staan, draaien ze weg met een kwartslag in hun spinrichting. Zwart-wit trekt aan en weerstaat de vrije spin. Deze effecten blijven ook bestaan op afstand mits er geen speelstuk tussen staat. Als gepolariseerde kleuren met tegenovergestelde spin tegenover elkaar staan levert dit energiepunten op. Zwart-zwart en wit-wit tellen op en zwart-wit trekt af. Zwart-zwart en wit-wit kan alleen bestaan als de stukken geplakt zijn aan andere stukken. In tegenstelling tot massapunten tellen energiepunten alleen als de speelstukken tegengestelde spin hebben. 

 

Spin – vrije spin (zwakke kernkracht)

Na iedere zet, waarbij als het ware energie wordt toegevoegd aan het systeem treed er een spontane spin op. Dit betekent dat alle stukken die ‘vrij’ staan een kwartslag draaien in de richting van hun spin. Ze staan vrij als ze omringd zijn door tegengestelde spin en niet in elektriciteit staan (zwart-wit tegenover elkaar weerstaat de vrije spin)

Na een zet gaat polariteit eerst dus en wordt geneutraliseerd, de spin treed op als het spel neutraal is. Dan worden alle vrije stukken gedraaid, tegelijkertijd, als hierbij weer polarisatiespanning ontstaat draaien de stukken vervolgens weg om te neutraliseren.. 

Het bord/speelveld (zwaartekracht)

De speelstukken vormen het speelveld door de spelregels. Er is geen daadwerkelijk bord nodig om het te spelen een tafeloppervlak is voldoende. Alle zijden van de speelstukken dienen horizontaal en verticaal parallel te lopen met ieder speelstuk op het veld. Je krijgt zo automatisch een schaakbord structuur waar je horizontale, verticale en diagonale zetten kunt doen.

De speelstukken blijven bij elkaar doordat er geen enkel stuk alleen gelaten mag worden. Ieder stuk moet met een volle zijde raken aan tenminste een ander stuk. 

Er zijn spelvarianten die een compact veld hebben  en varianten die een open veld hebben waar ruimte tussen stukken kan ontstaan. Hier geldt de regel dat er geen horizontale of verticale lege lijn mag ontstaan in het veld. Hierdoor blijft het veld en dus ook het bord bijeen. 

Kleuren en punten

De kleuren zorgen voor de punten. De kleuren hebben ieder een eigen waarde van 1 tot 6. Dit kunnen massa of energiepunten worden. Degene met de meeste punten wint. Rood = 1 Oranje = 2 Geel = 3 Groen = 4 Blauw = 5 Paars = 6 punten.

De vijf zetten

Er zijn vijf verschillende zetten mogelijk.

De kwartdraai

Een speelstuk wordt een kwartslag gedraaid in de spinrichting. Kan alleen als het stuk niet geplakt is.

De positiewissel 

Twee speelstukken van hetzelfde setje worden van positie gewisseld.

De verplaatsing

Een speelstuk wordt verplaats naar een andere positie, dit mag slechts naar een aangrenzend vlak ook diagonaal zolang er een zijde geraakt wordt na de zet.

De spinwissel

De spinwissel is een zet waarbij binnen het eigen setje speelstukken met tegengestelde spin van spin worden gewisseld mits ze niet geplakt staan en bij deze zet wisselen ook de verstrengelde equivalente stukken bij de tegenspeler van spinook als deze geplakt staan.

De spiegel spinwissel

Bij deze zet kun je een speelstuk van jezelf en dat van je tegenspeler van spin wisselen als de equivalente stukken gespiegeld staan. Hiermee herverdeel je de spin over de stukken van zowel jezelf als je tegenspeler.

DE spelvolgorde
Zet-Neutralisatie-Vrije spin

Het spel kent een vaste volgorde van zetten en effecten. Allereerst is er een zet, daarna wordt de eventuele oppositie geneutraliseerd (wegdraaien) en vervolgens vindt de ‘spontane spin’ plaats. Hierbij draaien alle stukken die vrij staan. Dit betekent niet in ‘elektriciteit’ (zwart-wit) en omringd door tegengestelde spin. Als er oppositie ontstaat door de ‘spontane spin’ wordt die wederom geneutraliseerd. Als stukken vrijkomen te staan, spinnen deze hierna. Dit gaat door tot het spel tot rust is. Let op, een speelstuk kan maar een keer vrij spinnen. Vervolgens gaat de beurt naar de tegenspeler en kan deze een zet doen, waarna de reeks zich herhaald. Bij iedere fase (neutralisatie, vrije spin) draaien de stukken tegelijkertijd.

In het begin vergt de onderlinge interactie van de stukken enige oefening om dit goed in de vingers te krijgen. Na een tijdje is het vanzelfsprekend en gaat het vanzelf. 

Hier vind je tips om te beginnen met oefenen. Vaste startpositie en het dominospel.

IMG_2898.jpg

Het Dominospel 

Om de speelstukken en de puntentelling te leren kennen is het handig om met een eenvoudig spel te beginnen. Dit is een spel waarbij de stukken niet draaien of kunnen bewegen maar alleen plakken.

De regels zijn simpel.

 

Om beurten legt een speler een speelstuk van zijn setje (geel of paars) op de tafel. De speelstukken moeten geplakt worden als ze worden neergelegd. Degene die als eerste een speelstuk op tafel legt mag de spin van dat speelstuk bepalen. Hetzelfde speelstuk in het andere setje dient dan een tegenovergestelde spin te hebben. 

 

Puntentelling is hetzelfde als bij het kwantumspel. 

Energie punten bij tegenovergestelde spin. Degene met de hoogste waarde krijgt de punten. Bij dezelfde waarde geen punten. (strepen tegen elkaar weg)

Massapunten bij dezelfde spin. De punten gaan naar de gepolariseerde kleur.

 

Door dit spel te spelen leer je de speelstukken en de puntentelling kennen.

 

Ik zal hier een drietal eindstellingen laten zien.

De speelstukken benoem ik met hun setkleur en waarde. Paars 1,2,3,4,5,6 en Geel 1,2,3,4,5,6.

Domino 1.jpg

Geel totaalscore 14

10 energiepunten (geel 6 en geel 4)

4 energiepunten (geel 5 en geel 1)

Paars totaalscore 10

4 massapunten (geel 3 en paars 4)

3 massapunten (paars 3 en geel 2)

2 massapunten (paars 2 en geel 1)

1 massapunt (paars 1 en paars 6)

Geel heeft gewonnen.

Dominospel 2.jpg

Geel totaalscore 18

10 massapunten (geel 6, geel 5 en paars 4)

4 massapunten (geel 4 en geel 3)

2 massapunten (geel 2 en paars 3)

2 massapunten (paars 6, geel 1 en paars 2)

Paars totaalscore 16

6 energiepunten (paars4 en paars 2)

6 massapunten (paars 6 en paars 5)

3 massapunten (paars 3 en paars 4)

1 massapunt (paars 1 en paars 6

Geel heeft gewonnen.

dominospel 3.jpg

Geel 0 energiepunten en 12 massapunten. Totaalscore 12 

Paars 16 energiepunten en 9 massapunten. Totaalscore 25

(paars 6 en geel 6 geen punten !)

Paars heeft gewonnen.

De start van het spel

Het kwantumspel kan gestart worden op twee manieren, straight of laydown.  Bij de straightversie beginnen bij het wegleggen ook meteen de effecten en de cyclus, zet, neutralisatie, vrije spin  Je mag alles doen behalve direct plakken en spinwissels totdat alle speelstukken op tafel liggen. De speelstukken dienen ten alle tijden een andere zijde te raken.

Bij de laydown wordt eerst alles weggelegd en begint het spel en de effecten als alle stukken liggen na de eerste zet. Bij het wegleggen mogen de speelstukken niet in oppositie worden geplaatst en mag er niet direct geplakt worden.

Vaste startopstelling

Het is handig om in het begin een vaste startpositie te gebruiken. Hiernaast een voorbeeld. Je leert zo eerst de zetten en mogelijkheden kennen. Daarna kun je met een lay-down beginnen. Een straight start is pas leuk als je het spel een beetje kent.

PHOTO-2021-11-23-14-59-24.jpg

Unit-veld-spin

De spelvarianten die we hier presenteren zijn het resultaat van vijf jaar testen en spelen. Bij het unitspel spelen de spelers met hun eigen setje op hun eigen veld en beïnvloeden elkaar via de spinwissels. Bij het veldspel spelen ze met beide setjes op een veld en beïnvloeden ze elkaar ook direct. Tenslotte de spin variant waarbij spelers met het eigen setje in zwart of wit starten en waarbij de spin bepaald van wie het stuk is. 

HET SPINVELDSPEL 

Bij spinveldspel spelen alle speelstukken samen op een veld. De spin bepaalt de identiteit en spelers spelen met witte tegen zwarte spin. Wit begint. Hier kan je via een spiegelwissel speelstukken stelen. Er zijn verschillende velden mogelijk, je spreekt vooraf af op welk veld je speelt; closed en open, lay-down en straight en closed escape. 

HET SPINUNITVELDSPEL 

Bij het spinunitveldspel bepaald de spin de identiteit zetten dus zwart tegen wit, maar de unit bepaalt de punten. Bij dit spel kun je met een spiegelspinwissel controle krijgen over een speelstuk van je tegenspeler. Dat is wederzijds maar geeft prachtige strategische mogelijkheden

HET UNITSPEL

Bij dit spel hebben spelers ieder een eigen setje en spelen op een eigen veld. De twee velden beïnvloeden elkaar niet. De equivalente stukken zijn verstrengeld en hebben onderling altijd een tegengestelde spin. 

HET UNITVELDSPEL

Bij het unitveldspel bepaalt de unit de identiteit en speel je met twee setjes tegen elkaar.

HET SPINUNITSPEL

Het spinunitspel maakt het mogelijk dat je met een spiegelspinwissel inbreekt in het setje van de ander. 

Het UNITVELDSPEL 

Het unitveldspel is het beste spel om mee te beginnen. Het speelt wat ons betreft het spectaculairst van alle varianten. Dit spel gaan we dan ook als eerste gebruiken voor de kwantumcompetitie. Bij een unitveldspel spelen alle speelstukken samen op een veld. De kleur van de middenstip bepaalt van wie het speelstuk is en blijft. De spelers beginnen het spel met een laydown witte tegen zwarte spin. Wit begint met het plaatsen van een stuk op het veld en zwart volgen. Er mag geen plak of oppositie worden gelegd. Wit doet ook de eerste zet waarna de effecten in werking treden als stukken van de verschillende sets  gespiegeld staan kunnen ze van spin gewisseld worden.

Gesloten veld en Open veld

Bij een gesloten veld field vullen de speelstukken een rechthoek (3-4 of 2-6) en mogen niet hier buiten. Bij een open veld kunnen ze overal staan zolang ze maar de veldregels volgen, ze een andere zijde raken en geen lege lijn in het veld ontstaat.

Een speciale vorm is een closed escape. Hierbij worden de stukken eerst in een laydown of straight in een gesloten veld geplaatst en als alle stukken in het veld liggen mogen ze ontsnappen. 

De spiegelspinwissel en spinwissel binnen de set

Het spectaculaire aan dit spel zijn de beide spinwissels. Je kunt door de spiegelspinwissel spin voor je setje stelen, maar ook de andere tegenspeler krijgt een tegengestelde spin. Hierdoor kan onderling gewisseld worden binnen de set mits niet geplakt. Dit zorgt voor extra strategische mogelijkheden en spannend spelverloop.

Blokken

Tijdens het spel ontstaan door geplakte stukken blokken, deze kunnen bewegen als ze dezelfde spin hebben en ook onderling wisselen als ze dezelfde oriëntatie hebben (horizontaal - vertikaal). Als ze bestaan uit speelstukken van beide spelers, mogen ook beide spelers ze bewegen. De regel geldt hier dat dezelfde zet niet mag worden omgekeerd door de tegenspeler. Een enkel stuk of ander blok mag een blok wel verlaten. Het kan dat zo blokken los komen te staan, dat mag want ze raken immers elkaar. Maar een blok moet bij een zet altijd naar een zijde van een ander speelstuk bewegen. Blokken met ongelijke spin kunnen niet bewegen. Op deze wijze kunnen blokken (wanneer mogelijk) via spinwissels aan en uit gezet worden.

Einde spel en Puntentelling

Iedere speler moet tijdens het spel een zet doen als hij of zij aan de beurt is, je kunt geen beurt overslaan. Als er door geen van beide spelers een zet meer gedaan kan worden omdat alles geplakt is stopt het spel. Waneer een speler losse stukken heeft en bij de andere is alles geplakt moet de speler als hij of zij ergens kan plakken dan ook daar plakken. De speler mag zelf kiezen waar zo deze plek bereikbaar is. Het kan voorkomen dat een speler een blok of zeer zelden een speelstuk overhoudt dat nergens geplakt kan worden. Dan moet dit stuk of blok daar gezet worden waar de elektrische aantrekking zo hoog mogelijk is. Is dit ook niet mogelijk is een neutrale positie het einde van het spel.

Als het spel vast zit worden de punten per speler opgeteld. Hier geldt dat degene met de hoogste waarde in een interactie wint. Alle punten zijn positief. Dus een min vijf en een plus drie is twee punten voor het vijfstuk, als de spins tegengesteld zijn. Bij gelijke spin tellen de punten niet. Een gepolariseerde kleur geplakt aan een neutrale kleur met dezelfde spin zijn massapunten en deze zijn ook altijd positief in deze versie.