Speelstukken
Opstelling zes posities in een rechthoek 2 bij 3 speelstukken. (illustratie)
Zes vierhoekige gelijkzijdige elementen met ieder een hoofdkleur met waarde (1t/m6)
met polariteit (+/- ), 2 neutrale kleuren en een verschillende spin boven en onderkant
(R/L). De stukken zijn zo op 8 mogelijke manieren in de opstelling te plaatsen.

Interactie tussen speelstukken

De stukken raken elkaar met 14 zijden bij 7 interactiespleten. Hier worden de effecten
veroorzaakt en kan gescoord worden. Tien zijden zitten aan de buitenkant en raken
niets en zijn dus neutraal, geen effecten, geen score.

Massapunten en Energiepunten

Er zijn twee soorten punten te halen, massa punten bij een plak van een gepolariseerde
zijde met een neutrale kleur. Deze zijn altijd positief, zwaartekracht kent geen polariteit..
Massa punten vereisen eenzelfde spin van de vastzittende stukken. Tegengestelde spin
geeft geen massapunten.
Energiepunten ontstaan bij stukken met een tegengestelde spin, waarbij de polen elkaar
raken. De punten tellen op, wit is negatief en zwart positief. Wit-wit en zwart-zwart kan
alleen bij geplakte stukken anders draaien ze weg.
Door de een spinwissel kun je punten afpakken of toevoegen in het andere spel.

Puntentelling

Op het einde van een set worden de massapunten en energiepunten geteld en op het
einde van de wedstrijd de totale punten. Er zijn hier een twee varianten mogelijk een
natuurkundige, waarbij massapunten altijd positief zijn en een wiskundige waarbij
massa ook negatief en positief is. De laatste is lastiger maar ook leuker om te spelen
want heeft meer dynamiek. Het is zaak zo hoog mogelijk negatief of positief te scoren. De
energie en massapunten worden gescheiden opgeteld, op het eind worden negatieve en
positieve punten altijd positief geteld voor het eindresultaat.. De winnaar is degene met
de meeste punten.

Een kwantumspel wedstrijd

Een wedstrijd bestaat uit 4 sets waarbij de punten van iedere set worden geteld, degene
met de meeste punten uit 4 sets wint. Om het spel te beginnen plaatsen spelers om de
beurt een speelstuk in een 2/3 rechthoek op tafel. Dezelfde stukken van de beide spelers
dienen tegenovergesteld van spin te zijn en het spel heeft altijd drie zwarte en drie witte
spins. De andere speler plaats hetzelfde speelstuk met tegenovergestelde spin en
gespiegeld qua kleur. Degene die begint met plaatsen begint ook de set met zetten. Er
mogen geen stukken in elektrische oppositie of in plak worden geplaatst. De begin unit
is in rust bij de start.
Iedere speler doet om beurten een zet en na iedere zet dienen eerst alle effecten in beide
units plaats te vinden alvorens de volgende speler een zet kan doen.
Het is verplicht een zet te doen. Als een speler geen zet meer kan of wil doen kan deze
stoppen, de anders speler mag doorzetten. De gestopte speler mag na een spinwissel van
de ander eventueel weer zetten doen, als dit mogelijk en gewenst is. De set stopt als
beide spelers geen zetten meer kunnen of willen doen. Hierna vindt de 4D switch plaats
die de stukken weer losmaakt en herschikt voor een volgende set.
De units worden in een ‘4D positie’ gebracht door ze 1/8 te draaien en in ruitopstelling
te plaatsen. Hier vinden weer de effecten elektrische oppositie en eventueel een ‘echte
kwantumswitch’. Dit gebeurd wanneer de stukken in een zwart-wit tegenstelling staan;
zowel elektriciteit als spin is tegengesteld. Dan wisselen de stukken zowel van positie als
spin en bij de tegenspeler slechts van spin. Effecten van speler die aan de beurt was gaan
eerst. Als het spel weer in rust is wordt nog een keer 1/8 gedraaid in spinrichting en kan
een volgende heat beginnen. Eerst dienen de effecten te zijn uitgespeeld. Pas dan is de
andere speler aan zet in de nieuwe set.

Zetten

Draai

Dit is altijd een kwartdraai in de spinrichting en mag altijd behalve als een speelstuk is
geplakt.


Positiewissel
Het wisselen van twee speelstukken binnen de opstelling. Dit kan ook gebeuren bij
geplakte blokken mits het een enkele wissel is zoals bij individuele stukken.


Spinwissel
Wisselen spin van twee elementen met tegenovergestelde spin. De spin van de
corresponderende stukken wisselen ook in het andere spel. Er is verder ook een blok
wissel mogelijk van twee geplakte stukken met tegengestelde spin. En een blok wissel
tussen twee blokken met tweemaal dezelfde spin is niet mogelijk.

Effecten

Plak, twee dezelfde kleuren plakken en deze plak is niet te verbreken met een zet of
standaardeffect. De plakken worden opgeheven in de 4D transitie, zodat een nieuwe set
kan worden gestart.

Oppositie, twee positieve of negatieve ladingen stoten af en de stukken draaien
kwartslag weg in hun spinrichting, tenzij ze zijn geplakt aan ander stuk.

Spontane spin, na ieder zet als de oppositie is geneutraliseerd vindt de spontane spin
plaats. Alle ‘vrije speelstukken’ (omringd door tegengestelde spin) spinnen een
kwartslag in hun spinrichting.

 


Kwantumswitch, (vindt plaats in de 4D transitie) als twee stukken, een tegengestelde
spin hebben en tegengestelde polariteit wisselen ze van positie en spin. Dit gebeurt ook
met dezelfde stukken in de andere unit, alleen wisselen deze slechts van spin niet van
positie.

Hoe te beginnen…
Zoals gezegd zijn het spel en de regels simpel, maar omdat een nieuwe manier van
spelen is, moet je er wel aan wennen. Het linksom en rechtsom draaien is iets wat je
goed moet oefenen. Dit alles moet een automatisme worden. Zwart = linksom en Wit =
rechtsom. Daarnaast is de volgorde van effecten belangrijk na een zet. Als je een zet hebt
dient alle elektrische afstoting opgeheven te worden door speelstukken weg te draaien
tenzij ze vast staan. Pas daarna vindt de spontane spin plaats, waarbij alle vrije stukken
draaien. Vrij betekent hier omringd door tegenovergestelde spin. Twee speelstukken
met dezelfde spin draaien niet. Dit draait soms alle kanten op en het kan enige tijd duren
voor een unit weer in rust is.
Je kunt de zetten en effecten heel goed in je eentje met één unit oefenen.
Je leert het spel pas echt spelen en waarderen als je zo’n 20 tot 30 potjes hebt gespeeld.
Naast je tegenspeler is het spel zelf (vooral in het begin) je grootste tegenstander.

Speciale situaties

 

Loop
Het kan voorkomen dat een unit in een loop raakt, hierbij blijven een aantal stukken
oneindig draaien. Je kan hier niet zelf uitkomen, als het de andere speler ook niet lukt je
eruit te krijgen kun je zelf bepalen in welke opstelling je ze stil zet. (ze staan dan nog in
elektrische oppositie)
Plak bij begin positie
In uitzonderlijke gevallen kan het zijn dat je bij het plaatsten van de startopstelling het
laatste stuk slechts met een plak kunt plaatsen. Dit wordt dan ook gedaan en het spel
begonnen. Dit kan alleen wanneer geen andere mogelijkheid tot plaatsing mogelijk is.
Een model voor het allerkleinste
Het natuurkundige en wiskundige verhaal achter het spel is dat we het oorspronkelijk
als rollenspel bedacht hadden. Echter kreeg ik snel de ingeving dat het een model voor
het samenspel der krachten en deeltjes in het allerkleinste kon zijn. Ik ben begonnen
met de kwaliteiten van deeltjes; massa, energie, lading en spin erin te brengen. Al
doende ontdekte ik het arsenaal aan mogelijkheden van een op het eerste oog simpel
setje. Toen ik ging rekenen met de mogelijkheden en kansen kwam ik achter de
bijzonderheden van unit als geometrisch algebraïsch object. Zoals ik in de inleiding al
aangaf gaat dit mijn expertise ver te buiten. Volgens mij is het een wonderschoon object,
het heeft mij in ieder geval zodanig betoverd dat ik in een ‘psychose’ ben beland. Eentje
overigens waar ik wat mij betreft beter ben uitgekomen en ook veel van heb geleerd. Dit
is de reden dat Karin en ik de wiskunde even hebben gelaten voor wat het is en ons
hebben gefocust op het spel zelf en wat de beste manier is om het te spelen. We zijn erg
benieuwd wat de ‘experts’ ervan vinden en daarom brengen we het op deze manier uit.
Het is sowieso een opmerkelijk spel, een spel dat ons al zowat vijf jaar bezighoud en een
wil van zichzelf lijkt te hebben.